EMDR: nare ervaringen beter opslaan in je brein


4.4.2013

JM februari 2013

‘Je had beter niet over je leeftijd kunnen liegen’ zei de man van de bioscoop toen ik als dertien-jarige lijkbleek uit de film ‘Vrijdag de dertiende’ kwam. En hij had ontzettend gelijk. Ik ben nog jarenlang bang geweest in het donker; de beelden van afgehakte hoofden ( die inmiddels door kenners als  ‘ontzettend nep’ worden weggelachen) bleven dan maar terugkomen.

Het is jammer dat mijn ouders in die tijd nog niet op de hoogte waren van EMDR ofwel, Eye Movement Desensitization and Reprocessing, een inmiddels al weer 15 jaar oude behandelingstechniek die goed kan helpen om nare ervaringen te verwerken. Grofweg komt de  behandeling er op neer dat je de herinnering opnieuw gaat opslaan in je brein. En wel op zo’n manier dat deze minder snel storend op de voorgrond treedt.  ‘Dat is althans de theorie’, zegt kindertherapeut Dafna Zwarts die al ruim twaalf jaar werkt met EMDR. ‘Hoe het precíes werkt, weten we niet. We denken dat we er door de behandeling voor kunnen zorgen dat de angstige of traumatische herinnering beter wordt opgeborgen in je langetermijngeheugen. Dat betekent niet dat het wordt weggedrukt of vervangen door een andere herinnering,  maar eerder dat de lading er af gaat of dat het een andere betekenis krijgt. Als het goed is, bedrukt het je daarna minder.’

Dat ‘opnieuw opslaan’ van die herinnering gebeurt door de persoon terug te laten denken aan die nare herinnering en hem tegelijkertijd af te leiden. Meestal door iemand zijn ogen heen en weer te laten bewegen. Maar soms, en vooral bij kleine kinderen,  gebeurt dat ook door het geven van tikjes op de knie of op de handen of met een koptelefoon waar piepjes doorheen klinken.

De toepassingsmogelijkheden van EMDR bij kinderen zijn heel uitgebreid. Je kunt het inzetten bij kleine traumatische gebeurtenissen waar kinderen steeds maar weer last van blijven houden – een enge film of een beet van een hond bijvoorbeeld. Maar het kan ook gebruikt worden bij de behandeling van meer complexe zaken. Je moet dan denken aan een te negatief zelfbeeld of aan  aanhoudend verdriet of angst na een scheiding, een nare ziekenhuiservaring, een pestervaring of het overlijden van een dierbaar iemand.

‘Bij dit soort complexere zaken is EMDR niet het enige wat je inzet bij de behandeling maar het kan wel een heel nuttig hulpmiddel zijn’ legt Zwarts uit. Ze geeft een voorbeeld van hoe ze die EMDR inzet: ‘Stel je een kind voor dat heel veel last heeft van de scheiding van zijn ouders. In zo’n geval zal ik het kind vragen om terug te denken aan dat wat hij het meest vervelend vindt. Is dat die heftige ruzie? Of dat verdriet van de moeder? Kinderen kunnen dat meestal wel goed benoemen als je ze op de juiste manier ondervraagt. En als ze het niet zeggen dan kunnen ze het vaak wel tekenen. Hebben ze dat beeld bepaald – die huilende moeder bijvoorbeeld – dan vraag ik zich daar op te concentreren. Hebben ze dat beeld eenmaal goed voor ogen, dan vraag ik wat ze voelen, welke negatieve gedachten ze hebben. Daarna mogen ze hun gedachten de vrije loop laten gaan. Wel vraag ik ze om de halve minuut wat er door ze heen gaat – verdriet, angst, pijn of iets anders bijvoorbeeld. Gedurende dit proces laat ik ze ook hun ogen bewegen. Bij mij gebeurt dat meestal door ze een bewegende stip op een beeldscherm te laten volgen. Af en toe – tijdens de sessie –laat ik ze terug denken aan het beeld waar ze mee begonnen waren. Als het goed is, is de gedachte daaraan minder pijnlijk geworden. Is dat niet zo, dan ga ik door tot het een neutraal beeld is geworden.’

Kobus Krabben is net tien en heeft een jaar geleden een aantal EMDR-sessies gehad nadat hij samen met zijn vader en moeder bijna drie keer over de kop was geslagen op de snelweg. ‘We reden met 120 op de middenbaan en werden opzij geduwd door een grote vrachtauto. Uiteindelijk lagen we stil op de vluchtstrook van de linkerbaan. Ik had alleen maar een bult op mijn voorhoofd en mijn vader en moeder hadden gelukkig ook niks ernstigs.’ Na het ongeluk voelt Kobus zich niet fijn meer in een auto. ‘Als ik in de auto zat en ik zag een vrachtwagen rijden dan lette ik heel erg op. Dan voelde ik me soort van bangig.  Dat had ik daarvoor helemaal niet. Dan zag ik soms niet eens of er vrachtauto’s reden.’ Tijdens de EMDR-sessies bij Dafna Zwarts kreeg hij twee balletjes in zijn hand die om de beurt trilden. ‘Tegelijkertijd moest ik terugdenken aan het ongeluk en er een soort verhaal van maken dat steeds leuker werd. In mijn nieuwe verhaal zaten we in de auto en sloegen we helemaal niet over de kop. Ik had mijn schoenen ook niet meer uit zoals in het echt en het regende ook niet meer.’ Na vijf sessies ging het beter met Kobus: ‘ik ben niet meer zo heel erg oplettend in de auto. Natuurlijk wel méér dan voor het ongeluk maar het voelt niet meer zo vervelend.’ Vond hij de behandeling raar? ‘Ik dacht eerst “tja, zo’n psychobehandeling, dat lijkt me een beetje saai”. Maar dat was het helemaal niet. Het was leuk en als we vroeg klaar waren dan leerde ik haar pokeren. Dat kon ze nog niet.’

De therapie lijkt verraderlijk eenvoudig maar volgens Zwarts is het lastiger dan je denkt, zeker als het om de behandeling van wat complexere zaken gaat. ‘Het is om te beginnen heel belangrijk dat je als therapeut precies achterhaalt wat het probleem heeft veroorzaakt. Dat is al een klus op zich. En daarna is het belangrijk om de reacties heel goed in te schatten. Sommige kinderen reageren heftiger dan je denkt en aan sommige kinderen merk je bijna niks tijdens de therapie. Maar dat laatste wil niet zeggen dat er ook daadwerkelijk niks aan de hand is. Kinderen vinden het soms heel moeilijk om te zeggen wat er in ze om gaat.’

Wanneer kun je als ouder overwegen om EMDR in te zetten? Zwarts: ‘Als een kind iets ergs heeft meegemaakt, wacht dan eerst rustig af. Soms – vaak zelfs – gaan dingen vanzelf over. Maar als je merkt dat de nare ervaring aan je kind blijft knagen en ontwrichtend gaat werken – op school of thuis – dan is het altijd goed om tot actie over te gaan en hulp te zoeken. En daarbij geldt: hoe eerder, hoe beter.’

Meer informatie:

www.emdr.nl

www.emdrkindenjeugd.nl