Biografieën voor gewone stervelingen

4.4.2013

Parool oktober 2012

Wie was mijn moeder?

Hoofdstuk 1: Ziekte  ‘Darmkanker komt niet veel voor bij jonge mensen. Daarom heeft de huisarts de signalen ook niet goed opgepakt. (…) Wat mijn ziekte mij heeft gebracht? Ik ben rechter door zee geworden. Ik ga recht op mijn doel af. Ik ben nu minder verlegen. En ik weet nu beter wat ik zelf wil. (…) Ik ben nu Mandy geworden , en dat is een heerlijk gevoel.’

In december 2011 ging  Mandy Broshuis  - toen 41 – dood.  Om er voor te zorgen dat haar kinderen Boris (9) en Witte (7) haar  niet alleen als zieke moeder  zouden herinneren en ook op latere leeftijd een goed beeld van haar kunnen krijgen, stelden haar zussen voor om een biografie van haar te laten maken. Daarvoor schakelden zij de hulp in van het bedrijf ‘Voor uw kinderen.nl’.

Xylander Kroon, eigenaar en oprichter van dit bedrijf,  kwam op het idee toen hij de zelfgeschreven biografie van zijn vader in handen kreeg. ‘Mijn vader lag in het ziekenhuis en dacht dat hij dood zou gaan. Hij kon goed schrijven en besloot zijn levensverhaal op papier te zetten. Toen hij  toch beter werd  vroeg hij ons: “willen jullie het nu  hebben of straks, als ik er niet meer ben?”.  Wij wilden het meteen. Dan konden we tenminste nog vragen stellen.’

De biografie bleek zeer waardevol.  ‘Toen mijn broers, mijn zus en ik de biografie uit hadden, kwamen we er achter dat we hele stukken van onze jeugd op onze eigen manier hadden ingekleurd’, zegt Kroon. ‘Volgens de een was mijn vader  áltijd thuis en volgens de ander was hij er echt nóóit bijvoorbeeld.  Sinds  die biografie weten we hoe mijn vader het heeft beleefd.’

Voor het schrijven van een biografie werkt Kroon met ervaren  journalisten . Na het  eerste gesprek met de opdrachtgever selecteert hij de meest geschikte schrijver.  ‘Als de opdrachtgever streng gereformeerd is bijvoorbeeld, dan zoek ik een journalist die op zijn minst iets  heeft met het geloof. Een journalist moet zich kunnen inleven en de hoofdpersoon moet zich wel op zijn gemak voelen bij zo’n interview. Anders wordt het niks.’

Is de  goede journalist gevonden dan gaat deze te  werk volgens een vast stramien. Eerst maakt de  schrijven met de hoofdpersoon van het boek een zogenaamde  ‘levensboom’ waarin wordt  aangegeven welke thema’s in zijn of haar leven belangrijk zijn.  Dat kan van alles zijn. Zo koos Mandy  voor het eerder geciteerde thema ‘ziekte’ maar ook voor thema’s als ‘dromen’, ‘mijn karakter’ ‘reizen’ en ‘vrouwendingen’. Vervolgens  wordt de  hoofdpersoon over al deze losse thema’s geïnterviewd en wordt het verhaal in zijn of haar woorden opgeschreven.  In  het hoofdstukje ‘Vrouwendingen’ zegt  Mandy bijvoorbeeld:   ‘Ik was altijd en makkelijk verliefd.’

Voor het tweede deel  van het boek schrijft de hoofdpersoon brieven  aan mensen die hem of haar dierbaar zijn. Mandy schrijft aan haar man, aan haar vader, haar zussen, goede vrienden  en natuurlijk aan haar  kinderen. Ze beschrijft wat ze ziet in Boris – zijn liefde voor tekenen en schilderen bijvoorbeeld:  ‘Ook ik deed dat graag, vooral rond Sinterklaas’. Ze benoemt het ‘moeder-dochterschilderij’ dat ze maakte met Witte en vertelt iets over de sieraden die Witte van haart erft:  ‘Mijn parelset. Ja je woont nu eenmaal in het Gooi. De parels zijn wel allemaal een beetje nep maar ach, wat geeft dat.’

Het boek eindigt met een serie brieven die dierbare personen aan de hoofdpersoon schrijven. ‘Daarmee krijgen de nabestaanden een goed beeld van hoe er tegen de hoofdpersoon werd aangekeken’, zegt Xylander Kroon. ‘Die brief kwam zó uit mijn tenen’ zegt Mandy’s man Pieter Ettema. ‘Ik zat naast haar op de bank toen ik hem schreef en ik dacht “lieve, lieve schat, ik ga je vreselijk missen en wat ben ik blij dat jij er bent.” Dat zijn dan ook de laatste regels.’

Carine Kappeyne van de Coppello is GZ-psycholoog, gespecialiseerd in verliesverwerking bij jeugdigen. Zij kan zich goed voorstellen dat zo’n biografie van een overleden ouder, kinderen kan helpen. ‘Als kind wordt je identiteit voor een groot deel beïnvloed door je ouders. Ze zijn je ijkpunt. Je toetst je aan ze of zet je er tegen af. Als ze er niet meer zijn wordt dat moeilijker, zeker als je karakter het meest op die van de overleden ouder lijkt. Het kan dan fijn zijn om te lezen dat je moeder ook heel snel verliefd was bijvoorbeeld, of een beetje driftig.’ Kappeyne stelt wel dat het effect van zo’n biografie afhankelijk is van hoe het gemaakt is. ‘Je moet bijna zelf een therapeut zijn om te weten welke thema’s belangrijk kunnen zijn voor je kinderen op latere leeftijd. En verder is het belangrijk dat de betrokken journalist goed doorvraagt op de wat lastigere punten. Het moet een verhaal met verschillende kanten zijn, niet alleen maar de mooie, anders hebben kinderen er minder aan.’

De kinderen van Pieter Ettema zijn nog niet geïnteresseerd in het boek over hun moeder. Voor Ettema zelf was de eerste confrontatie een hele gekke ervaring. Toen hij de eerste ruwe versie doorlas had hij aanvankelijk de neiging om er van alles in aan te passen. ‘Ze schreef bijvoorbeeld dat ik haar ten huwelijk had gevraagd door met een spandoek voor het raam te gaan staan van de klas waar ze op dat moment les gaf. Nou heb ik daar wel gestaan met dat spandoek, maar alleen om te zeggen dat ik ook heel veel van háár hield. Er was nog helemaal geen sprake van een huwelijk.’ Hij is even stil en grijnst:  ‘en als ze zegt “ik ben ook zorgzaam voor een ander en cijfer mezelf dan weg”, dan denk ik “hmm, dat zou ik wel enigszins kunnen nuanceren”.’

‘Maar wat ik vind, daar gaat het helemaal niet om. Het is haar verhaal’ vervolgt hij. ‘En het is heel goed zo. Het staat er in háár woorden: fel en uitgesproken. Je krijgt een heel goed beeld van hoe ze was: puur, onorthodox  en sterk en altijd levend in het ‘nu’- ook voordat ze ziek werd.  Ik denk dat Mandy trots zou zijn op het resultaat.’

Het schrijven van een biografie inclusief vijf gedrukte exemplaren kost  5000 euro.